NeverMindzz

Mindfulness & coaching bij hoogsensitiviteit

Sabiene Seip | Assen

Mindfulness voor kinderen en jongeren

Het hoogsensitieve brein

De werking van ons brein is heel complex. Nog ieder jaar verschijnen nieuwe inzichten. Wel hebben we inmiddels een redelijk beeld van de werking van de hersenen van hoogsensitieve mensen. Duidelijk is dat het hoogsensitieve brein anders werkt. In eenzelfde situatie merkt een HSP andere dingen op en trekt er vaak andere conclusies uit. De werking van de hersenen van HSP verschilt op alle drie stadia van informatieverwerking: opmerken, verwerken én reageren.

Drie stadia van informatieverwerking: opmerken, verwerken én reageren

De werking van de hersenen van hoogsensitieve mensen verschilt op alle drie stadia van informatieverwerking: opmerken, verwerken én reageren. Je ziet dat in bovenstaande afbeelding. De herkenning bij HSP van het plaatje begint al bij de eerste stap; hoogsensitieve mensen merken meer op. Dat wat anderen ontgaat, signaleren zij vaak wel.

De cijfers uit de tekening hierboven licht ik hieronder toe.

1. Opmerken

Hoogsensitieve mensen merken subtiele details op (zie 1). Ze nemen meer, maar ook gedetailleerder waar dan de gemiddelde persoon. Geuren, geluiden, smaken en visuele details die anderen niet opmerken, nemen hoogsensitieve mensen wel waar. Hoewel niet ieder hoogsensitief persoon op alle zintuigen even gevoelig is. Het opmerken van meer en subtiele details geldt niet alleen voor fysieke prikkels, maar ook voor emotionele, sociale of omgevingsprikkels. Daarnaast is het zenuwstelsel gevoeliger waardoor informatie sterker binnen komt. Veel hoogsensitieve personen ervaren bijvoorbeeld pijn heel intens.

Kwaliteit: HSP kunnen intens genieten van de subtiele geuren, kleuren of geluiden die ze waarnemen. Ze genieten veel van de natuur, kunst en/of muziek bijvoorbeeld.
Valkuil: Overprikkeling ligt op de loer.

2. Verwerken (stap 2 t/m 7)

Het tweede stadium is de verwerking van de informatie die binnenkomt via onze zintuigen. Het onderscheidende van het hoogsensitieve brein is dat binnenkomende informatie diepgaand verwerkt wordt. Uit breinonderzoek blijkt namelijk dat hoogsensitieve mensen meer hersengebieden inschakelen als zij een taak verrichten. Zij staan altijd ‘aan’. Het verwerkingsproces van prikkels (stimuli) is in de afbeelding ontleed om te verduidelijken wat allemaal in het hoofd omgaat. Dit gaat niet in een vaste volgorde en is ook geen bewust proces. Toch herkennen veel hoogsensitieve mensen deze elementen. Het geeft hen erkenning en een handvat als ze aan anderen uitleggen hoe hun hoofd soms overuren maakt.

Integreren (2)

De informatie die binnenkomt linken ze aan de kennis, ervaringen en informatie die ze al hebben (zie 2). Ze proberen daar een kloppend plaatje van te maken. Zo lang dat plaatje niet compleet is, voelen ze zich onrustig, blijven ze vragen stellen of extra informatie verzamelen. Dit noemen we ‘denken vanuit het grote geheel’. Het zorgt er ook voor dat hoogsensitieve mensen verrassende verbanden kunnen leggen.

Interoceptie (3)

Onbewust wordt de informatie die binnenkomt gebruikt om het lichaam in staat van paraatheid te brengen (zie 3). Die integratie van sensorische informatie en informatie vanuit interoceptie (bewustwording van de staat van het lichaam) vindt plaats in de insula. Deze is sterker geactiveerd bij hoogsensitieve mensen.

Betekenis geven (4)

Op basis van de binnengekomen informatie, de link met bestaande kennis en ervaringen en met de informatie uit het lichaam, wordt betekenis gegeven aan de situatie (zie 4). Dit kan een emotionele betekenis zijn, maar ook een inhoudelijke. Emoties, zoals angst, boosheid, liefde, worden volgens Lisa Feldman Barrett gevormd uit een proces van lichamelijke gewaarwording en betekenisgeving. Bij hoogsensitieve mensen zijn de emoties die ontstaan intenser (zo blijkt uit onderzoek van Jagiellowicz). Dat kan verklaren dat situaties vaak urgenter voelen voor HSP: ze moeten het ‘oplossen’.

Risico-analyse (5)

Elke betekenis (de vierkantjes) heeft zijn eigen voor- en nadelen. Hoogsensitieve mensen hebben een creatieve manier van denken. Ze denken buiten het vaste stramien (zie Aron et. al, 2010). Ze zien dan ook risicovolle aspecten, mogelijkheden en kansen (de streepjes aan de vierkantjes) van elke geïnterpreteerde situatie. Deze risicoanalyse is bij veel HSP een doorgaand proces (zie 5). Anderen ervaren het soms als ‘altijd beren op de weg zien’, maar evengoed zien HSP kansen en mogelijkheden. Bijvoorbeeld bij het maken van een projectplan komen de verschillen tussen hoogsensitieve en niet-hoogsensitieve mensen helder naar voren. De gemiddelde persoon ziet een enkel risico, maar start gewoon en ziet wel wat er werkelijk op zijn pad komt en hoe hij het oplost. Een hoogsensitief persoon ziet een heel scala aan risico´s en wil deze graag zo goed mogelijk van te voren voorkomen (en kan daar vaak ook creatieve oplossingen voor bedenken). Krijgt hij of zij daar geen tijd voor, dan leidt dat tot een gevoel van onrust; het gevoel dat er elk moment iets mis kan gaan. In een team leidt deze verschillende insteek vaak tot wederzijds onbegrip.

Sociale setting (6)

Het kunnen lezen van de sociale setting is een grote kwaliteit van HSP. Afhankelijk van de betekenis die aan de situatie wordt gegeven en de ingeschatte kansen, mogelijkheden en risico’s, wordt de sociale setting geïnterpreteerd (zie 6). Van alle betrokken wordt gelezen of ingeschat wat diens verwachtingen, wensen, behoeftes, emoties en gedachten zijn (al dan niet correct). Grotendeels onbewust voelt een hoogsensitief persoon hoe elk persoon de situatie beleeft. Die belangen van anderen en de sociale setting spelen een belangrijke rol in het bepalen van de uiteindelijke actie. Vaak gaat dit boven de eigen belangen. In breinstudies blijken hersengebieden die betrokken zijn bij het inschatten van de eigen positie ten opzichte van de ander en het inleven in de ander, veel meer geactiveerd te zijn bij HSP. Inleven in de ander vindt zijn neurologische oorsprong in spiegelneuronen. Die zorgen ervoor dat informatie over emoties en intenties onbewust binnen komt. Met die emoties en intenties van anderen houden HSP vaak onbewust rekening. Ze zijn geneigd mee te bewegen met de sociale context. Soms ten koste van henzelf.

Bepalen actie (7)

De betekenisgeving, risicoanalyse en interpretatie van de sociale setting zijn input voor het bepalen van mogelijke acties (zie 7). Dit proces wordt een paar keer doorlopen voordat daadwerkelijk actie genomen wordt: ‘zijn er meer risico´s en mogelijkheden? Welke verwachtingen spelen nog meer een rol? Wat zijn de mogelijke gevolgen van mijn actie?’ Ook de hersengebieden die deze bewuste actieplanning reguleren zijn meer actief bij hoogsensitieve personen.

Stop-en-check (2 t/m 4)

Punt 2, 3 en 4 tezamen noemen we het ‘stop−en−check−systeem’. Deze naam heeft Elaine Aron gegeven aan de neiging van hoogsensitieve mensen om eerst informatie te verwerken voordat tot actie wordt overgegaan. In de hersenen lijkt dit tot uitdrukking te komen in een sterkere activering van de PreMotorArea (PMA). Bij elke informatieverwerkingsactiviteit van HSP is dit gebied ingeschakeld.

Kwaliteit: Je stort je niet snel in gevaarlijke omstandigheden.
Valkuil: Je kunt zo terughoudend worden dat je (te) weinig nieuwe activiteiten onderneemt.

Optimale−optie−ambitie (4 t/m 7)

Punt 4,5,6 en 7 tezamen noemt Esther Bergsma de ‘Optimale−optie−ambitie’. Dit is het zoeken naar de beste optie gegeven de situatie, waarbij de interpretatie van de sociale situatie een grote rol speelt. In de hersenen blijkt dit uit een versterkte activatie van de MTG, VTA, DLPFC en AG.

Kwaliteit: Je kunt creatief denken, je hebt een groot verantwoordelijkheidsgevoel, je begrijpt wat anderen willen, je wilt het zo goed mogelijk doen.
Valkuil: Je kunt eindeloos blijven piekeren over de beste mogelijkheid, je vind het moeilijk voor je eigen belangen op te komen, je kunt perfectionisme en faalangst ontwikkelen.

3. Reageren (8)

Vaak duurt het wat langer voordat hoogsensitieve mensen reageren. Ze hebben meer tijd nodig voor het beantwoorden van een vraag of het nemen van een beslissing. Logisch als je ziet welke bewerkingsprocessen (onbewust) in het brein plaatsvinden. Dit kost ook meer energie. HSP raken vaker gestrest (de pijl van ‘optimale−optie−ambitie’ naar het lichaam). Uit onderzoek van Gerstenberg (2012) blijkt dat hoogsensitieve mensen beter presteren op een bepaalde taak, maar dat zij meer stress ervaren na die taak dan niet-hoogsensitieve mensen. Die stressreactie kan zich uiten in overprikkeling. En dat heeft weer invloed op de vorm van reageren, bijvoorbeeld prikkelbaar, emotioneel of juist afstandelijk. Als je brein overprikkeld is, heb je namelijk weinig controle over je gedrag.

Kwaliteit: Je neemt weloverwogen beslissingen
Valkuil: Na een taak moet je herstellen om niet overprikkeld of overspannen te raken.

Zelfreflectie (9)

Direct na de actie begint het verwerkingsproces opnieuw (pijl 9). De signalen worden verwerkt zoals hierboven weergegeven, plus de vraag ‘Heb ik het goed gedaan?’. Hoogsensitieve mensen hebben van nature een sterke zelfreflectie. Dat is een mooie kwaliteit, maar het kan ook leiden tot piekeren of zelfkritiek. Daardoor heeft het effect op het stress-systeem.

Kwaliteit: Sterke zelfreflectie, waardoor je makkelijk leert en je ontwikkelt.
Valkuil: Eindeloos blijven piekeren. Jezelf verwijten maken, mogelijk leidend tot schaamte en laag zelfbeeld. Ook deze eigen negatieve gedachten kunnen sterk stresserend werken.

Samengevat

Het hoogsensitieve brein in het kort (de cijfers verwijzen naar de tekening):
1. HSP bemerken subtiele details
2. Die informatie integreren ze met informatie die ze al hebben om het grote geheel te zien
3. Sensorische informatie wordt geïntegreerd met en afgestemd op informatie uit het lichaam
4. Op basis van voorgaande bevindingen wordt er betekenis gegeven aan de situatie
5. Uitvoeren risicoanalyse
6. Interpreteren sociale setting
7. Bepalen mogelijke acties
8. Reactie neemt meer tijd in beslag en is vaak intenser
9. Zelfreflectie op de genomen actie; het proces begint opnieuw

Complete aanpak

Doen niet-hoogsensitieve mensen dit allemaal niet? Integreren, analyseren en interpreteren zij niet? Natuurlijk wel. Het grote verschil ligt in de intensiteit waarmee hoogsensitieve mensen informatie verwerken en de diepgaandheid waarmee elke situatie aangepakt wordt. Over het algemeen schakelen hoogsensitieve mensen meer hersengebieden in bij het uitvoeren van een taak. Ze halen als het ware bij elke taak of situatie hun hele gereedschapskoffer erbij. Waar anderen vertrouwen op de schroevendraaier die ze toevallig in handen hebben, pakt een hoogsensitief persoon alle instrumenten erbij. Ook blijven ze nog lang na de gebeurtenis overdenken welk gereedschap betere resultaten had opgeleverd. Die ‘complete aanpak’ levert veel op, maar is ook vermoeiend. De kwaliteit kan dus doorschieten in een valkuil. En daar zit precies de uitdaging van hoogsensitieve personen.